Kettingbotsing met letselschade:

Achteroprijder is aansprakelijk

In de zomer staan meestal weinig files op de Nederlandse snelwegen. Dat was afgelopen dinsdagmorgen op de A4 richting Amsterdam echter wel anders. Bij het Aquaduct Oude Rijn botste twee auto’s op elkaar, waardoor een file van 10 kilometer ontstond. Als bij een dergelijk ongeluk de voorste automobilist letselschade oploopt, moet de achterste chauffeur deze schade volgens de wet in principe vergoeden.

Wie is aansprakelijk bij een kettingbotsing?

Bij een kettingbotsing zijn een aantal wetsartikelen belangrijk: artikel 5 Wegenverkeerswet (Wvw) waarin staat dat iedereen zich zo moet gedragen dat hij geen gevaar op de weg vormt, artikel 6 Wvw waarin staat dat een verkeersdeelnemer zich niet zodanig mag gedragen dat door zijn schuld een verkeersongeval plaatsvindt en artikel 19 Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990 waarin staat dat elke bestuurder in staat moet zijn om zijn auto tot stilstand te brengen binnen de afstand waarover hij de weg kan overzien. Dit laatste artikel is het belangrijkst: elke automobilist moet voldoende afstand tot zijn voorganger bewaren.

Bij een achteroprijding gaat de wet ervan uit dat de achteroprijder niet voldoende afstand tot zijn voorganger behield. Als u van achteren wordt aangereden, kunt u in het algemeen uw letselschade dus op de automobilist achter u verhalen.

Wilt u meer informatie over aansprakelijkheid voor letselschade bij een kettingbotsing? Neem vrijblijvend contact met ons op.

Gepost op

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Stel een vraag